Technische begrippen

Bij de uitleg van de techniek komen een aantal begrippen terug. Die staan hier uitgelegd, eerst kort en hieronder wat uitgebreider.

Basispositie:
je uitgangspositie op de baan.
Basishouding:
de manier waarop je staat als je niet slaat of loopt.
Voetenwerk:
de manier waarop je je over de baan beweegt.
Racketarm:
de arm waarmee je je racket vast houdt.
Balansarm:
die andere arm.
Racketvoering:
waar je je racketarm houdt.
Grip:
de manier waarop je hand je racket vast houdt.
Slagrichting:
de richting waar je naartoe slaat.
Backhand:
een slag waarbij je rug van je hand richting de slagrichting gaat.
Forehand:
een slag waarbij je handpalm richting de slagrichting gaat.
Service:
de eerste slag in een rally.
Voorzwaai:
de beweging van je racket vóórdat de shuttle wordt geraakt.
Achterzwaai:
de beweging van je racket vóórdat de voorzwaai wordt ingezet.
Techniek:
de manier waarop je een slag uitvoert.
Tactiek:
de plek waar je moet staan en waar(naartoe) je moet slaan.

Een toelichting op enkele termen: